Mijn conclusies en adviezen, versie 31-08-2020
31 augustus 20200 Reacties/in COVID-19
Vanaf eind maart schrijf ik artikelen op deze site over COVID-19. Middels het analyseren van data, het lezen van de nieuwste internationale wetenschappelijke studies en logisch redeneren, heb ik daaruit een serie conclusies getrokken. Die update ik op basis van de nieuwste studies. Belangrijk daarbij is te beseffen, dat er veel studies uitkomen met tegengestelde conclusies. Daarnaast stel ik vast dat met regelmaat in de media een specifieke situatie wordt uitgelicht, waaruit stevige conclusies worden getrokken. Als ik dan die situatie aandachtig onderzoekt dan blijkt die situatie zeer eenzijdig geinterpreteerd.

Hieronder beschrijf ik mijn conclusies voor op dit moment. Mijn onderbouwingen ervan vindt u in eerdere blogs. Ik zal dit overzicht updaten als daar aanleiding toe is.

U kunt direct naar de afzonderlijke onderdelen springen:

Besmettingswegen
Ernst van de ziekte
Maatregelen om besmetting te voorkomen
 

1. Besmettingswegen
Er worden in principe drie manieren onderscheiden, waardoor iemand geinfecteerd kan worden met Covid-19.

Overdracht via oppervlaktes. Dat kan ontstaan omdat er virus uit druppels van iemand die besmettelijk is op een oppervlakte terecht komt en als iemand anders dat aanraakt en wrijft in de ogen dan kan het virus binnendringen.
Overdracht via grotere druppels. Die komen vrij bij hoesten, niezen, praten of zingen uit neus of mond van iemand die besmettelijk is en komt in neus of mond terecht van een ander. Waarna het virus zich bij die andere persoon kan gaan vermenigvuldigen.
Overdracht via aerosolen. Die komen vrij bij hoesten, niezen, praten of zingen uit neus of mond van iemand die besmettelijk is en kunnen een tijd in de lucht zweven. Ze worden ingeademd door een andere persoon en als een bepaalde hoeveelheid wordt overschreden (verschilt per persoon) dan wordt men geinfecteerd.
Uit de vele blogs, die ik over dit onderwerp heb geschreven, kunt u opmaken dat dit mijn conclusies zijn t.a.v. de besmettingswegen:

De kans dat je via overdracht via oppervlaktes wordt besmet is heel erg klein.
Uit vele onderzoeken blijkt (reeds in de jaren 50 door de fameuze Wells, maar ook via onderzoek van het RIVM uit 2011) dat als een virus direct ingeademd wordt, dat dan een veel grotere kans geeft om Aook inderdaad geinfecteerd te worden en symptomen vertonen, dan als er een grote druppel in mond of neus terecht komt.
De (grote) discussie tussen wetenschappers is echter of de aerosolen, die in de lucht zweven ,virus kan bevatten waarmee je besmet kan worden en als dat dan zo is welk deel van de geconstateerde infecties ontstaan door het krijgen van een grotere druppel in neus of mond of door het inademen van een bepaalde minimumhoeveelheid virus. Besef dat bij het mazelen-virus wetenschappers het onderling eens zijn dat die volledig door de lucht wordt overgebracht.
Ik deel de conclusies van de wetenschappers, die stellen dat ten aanzien van Covid-19:
De kans klein is dat als een grotere druppel de mond van iemand verlaat hij bij de ander in mond of neus terecht komt.  En als die daar terecht komt het ook nog niet automatisch hoeft te betekenen dat dit tot een infectie leidt bij de “ontvanger”.
Het grootste deel van de besmettingen ontstaan door het inademen van de aerosolen van het virus.
Zelfs als men besmet wordt door een tijd face-to-face met elkaar op korte afstand te praten is de kans veel groter dat die besmetting is gebeurd door het inademen van de aerosolen, die dan ook vrijkomen, dan door een grotere druppel.
Hoe meer virus men inademt hoe zieker men ervan kan worden.
Langzamerhand zie ik op steeds meer plekken terug dat men denkt dat aerosolen voor meer dan 50% van de besmettingen verantwoordlijk zijn. Mijn inschatting is dat het in werkelijkheid meer dan 95% is (mede omdat bij face-to-face kontakt de aerosolen een veel grotere rol spelen dan menigeen nu denkt).  Een percentage, dat ik bij kontakten met belangrijke mensen achter de schermen uit het buitenland, inmiddels ook terug hoor.
Ten aanzien van mondbescherming buiten zorginstellingen, na veel hierover gelezen te hebben, is mijn opvatting dat alleen onder  speciale omstandigheden het een goede maatregel kan zijn. Daar waar en wanneer de risico’s op besmetting echt groot is. Het vermindert direct en indirect de uitstoot van aerosolen en het vermindert het inademen van aerosolen. Door goede maatregelen te nemen ten aanzien van ventilatie en luchtzuivering kan het dragen van mondkapjes vermeden worden.
Grote uitbraken in zorginstellingen kunnen voorkomen worden door een verstandig beleid t.a.v. de ventilatiesystemen en daardoor te voorkomen dat bewoners en personeel lange tijd achter elkaar het virus in kunnen ademen.

 

Naar Inhoudsopgave

2. Ernst van de ziekte
Uit de sterftecijfers van het CBS kan opgemaakt worden dat er tussen half maart en half april ongeveer 9000 mensen meer zijn overleden dan normaal in die periode. Daarna zien we per week ondersterfte. Dat is normaal na een periode van forse oversterfte. In de leeftijdsgroep onder de 45 jaar is er geen oversterfte geweest. Naarmate de leeftijd hoger is, is de oversterfte hoger. Circa 10% van de oversterfte zijn personen onder de 65 jaar, maar die zijn vooral tussen de 55 en 65. Meer dan 60% van de overlijdensgevallen zijn boven de 80 jaar. Het overgrote deel van die personen hadden onderliggen lijden. Kortom: de risico’s van dit virus voor personen onder de 65 jaar om aan dit virus te overlijden zijn zeer klein.

Er is nog nooit goed vastgesteld hoeveel procent van de Nederlanders besmet is geraakt. Mijn inschatting is  dat tussen de 2,5 en 3 miljoen mensen besmet zijn geraakt. Van hen zijn er ongeveer 12.000 in het ziekenhuis terecht gekomen en 3000 op IC’s. Uitgaande van 3 miljoen mensen die besmet zijn geraakt is dus circa 0,4% in het ziekenhuis terecht gekomen, lag 0,1% op IC’s en is 0,25% overleden. Vaak is dat overlijden niet gekomen door Covid-19, maar met Covid-19.

Uit onderzoeken over de hele wereld blijkt dat tussen de 30 en 60% van degenen, die besmet zijn geraakt, geen of vrijwel geen symptomen heeft gehad. De trend is dat in de afgelopen maanden de ernst van de ziekte duidelijk afneemt bij degenen die besmet zijn geraakt. Minder mensen in ziekenhuizen en minder mensen overleden.

Het aantal personen dat in Nederland in juli en augustus door/met Covid-19 zijn overleden is slechts 2 per dag. Dat zijn er dus 2 op de gemiddeld 400 mensen die er per dag in Nederland overlijden.

Dit plaatje uit het Nivel rapport van eind augustus geeft ook goed weer wat de huidige is. Covid-19 is in Nederland vrijwel niet aanwezig.

Er zijn steeds meer aanwijzingen dat, in tegenstelling wat in maart nog gedacht werd, een fors deel van de bevolking niet geinfecteerd zal raken. De T-cellen spelen dan een grote rol bij de bescherming tegen mogelijke infectie. Waar die grens ligt in een land en wanneer die bereikt zal worden is nog niet duidelijk. De komende 6 maanden zullen op dat punt wereldwijd meer duidelijkheid geven.

 

Naar Inhoudsopgave

3. Maatregelen om te voorkomen besmet te worden
Bij die maatregelen is het belangrijk om de volgende punten mee in beschouwing te nemen:

Je raakt alleen besmet als er iemand in de buurt is die besmettelijk is. Als die kans heel klein is dat er iemand aanwezig is die besmettelijk is, dan vraagt dat om andere maatregelen dan als die kans veel groter is. Anders schiet je met een kanon op een mug. In juli en augustus was die kan voortdurend erg klein. Wat in het najaar gaat gebeuren is nog onzeker.
Als je tot een kwetsbare groep behoort dan moet je voorkomen om in het najaar in een echt risicovolle situatie te geraken.
Bij de maatregelen die genomen worden moet zeker ook rekening gehouden worden met de gevolgen voor de economie, maatschappij en (ja ook:) volksgezondheid. Steeds meer wordt duidelijk wat de grote effecten zijn geweest van de maatregelen vanaf half maart. Dus per maatregel moet meer in beschouwing worden genomen in welke mate de verspreiding van het virus wordt tegengegaan in relatie tot de naderlen voor de samenelving.
Al het bovenstaande tegen elkaar afwegend zijn dit mijn conclusies:

Buiten

Omdat de risico’s buiten op besmetting heel klein zijn vind ik dat er buiten geen enkele beperking zou dienen te zijn. Men dient alleen voorzichtig te zijn bij het lange tijd face-to face met elkaar op korte afstand te spreken. Ook als het donker is en windstil is het risico wat groter. De voordelen voor de samenleving door buiten geen restricties meer te hebben wegen zeer op tegen de mogelijke (kleine) nadelen.

Thuis

Als u weinig vreemden op bezoek krijgt is het risico om thuis besmet te worden klein. Goede ventilatie, hogere luchtvochtigheid (tussen de 40 en 60%) kan een goede bescherming betekenen als er mensen op bezoek komen. Ook niet lang face-to-face met elkaar spreken op te korte afstand (minder dan 1 meter).

Openbare binnenruimtes

Het overgrote deel van de besmettingen geschieden in openbare binnenruimtes. Met slechte ventilatie en niet de juiste luchtvochtigheid kunnen aerosolen lang blijven zweven en de aanwezigen kunnen het dan (langdurig) inademen. Dit zijn de plekken waar de zogenaamde “superspread-events” plaatsvinden. Ventilatiesystemen waar te weinig frisse lucht naar binnen wordt gehaald en geen voorzieningen worden getroffen om het virus uit de lucht te halen (filters of purifiers) kunnen ook zorgen voor de verspreiding van het virus over een groot aantal aanwezigen.

In die omstandigheden is het zeer aan te bevelen dat er gezorgd wordt voor open ramen/deuren (kruislings tegen over elkaar). Een ventilatiesysteem zal erop gericht moeten zijn geen lucht te recirculeren. Er moet sprake zijn van een grote ventilatievoud (het aantal keren per uur dat de complete hoeveelheid lucht in de ruimte door buitenlucht wordt vervangen) Een ventilatievoud van 9 keer per uur is het streefgetal.  Via gekwalificeerde luchtzuiveraars en/of filters wordt het virus zoveel mogelijk uit de lucht gehaald. Met die combinatie is er sprake van een openbare binnenruimte, die Coronaproof is.

Als in een gebied teveel nieuwe besmettingen zijn dan wordt afgeraden om langere tijd in die ruimtes aanwezig te zijn als het ventilatiesysteem niet Coronaproof is. Dragen van mondbescherming door alle aanwezigen zal het risico op besmettingen dan doen verminderen. Hier treft u er meer informatie over aan.

In een aantal landen wordt via tijd, geld en aandacht, maximaal ingezet om zoveel mogelijk openbare binnenruimte Coronaproof te maken om uitbraken in het najaar en de winter te voorkomen (Dat heeft o.a. tot gevolg dat er grote tekorten gaan ontstaan van bepaalde hulpmiddelen zoals CO2-meters en luchtreinigers. Doordat Nederland ook op dat punt traag op gang komt, zullen wij ook op dat punten de nadelen ervan ondervinden).

Ik hoop dat u aan de hand van het bovenstaande beter kan bepalen welke risico’s u wel of niet loopt of wilt lopen. Beter het beleid kan beoordelen van de overheden. Beter in de media het kaf van het koren kunt onderscheiden.

Daar wens ik u , onze bestuurders en onze media, veel wijsheid bij.

Maurice de Hond
— Lees op www.maurice.nl/2020/08/31/mijn-conclusies-en-adviezen/